De meest gestelde en ook gelijk de lastigste vraag uit het leven van een grotduiker is naast “Waar gaan we vanavond eten?” meestal “Waar gaan we vandaag eigenlijk duiken?”. Vrij essentieel natuurlijk, maar soms lastig te beantwoorden, er is hier zoveel moois. Gelukkig krijgen we wat betreft duiklocaties hulp van Robbie Schmittner (Xibalba divecenter), een van de beste grotduikers en explorers van de wereld.
Zijn kennis van dit gebied is ongekend, maar hij is voorzichtig met het geven van deze informatie. Veel grotten zijn klein, ongerept en bijzonder, maar makkelijk te beschadigen door verkeerde duiktechnieken en uitrusting. Daarom worden veel cenotes geheim gehouden. Gelukkig krijgen we inmiddels tips die zelfs binnen de duikschool niet bij iedereen bekend zijn; dat belooft vandaag weer een avontuur te worden!
We hebben een uitermate gedetailleerde door Robbie getekende kaart erbij en na enig speurwerk vinden we de gele kerk (of kapel, dat kan Robbie tijdens het tekenen maar niet besluiten…) op de juiste rancho. Alleen staat deze aan de verkeerde kant van de weg… dus omkeren en op zoek naar een andere gele kerk. Opnieuw snel gevonden, alleen is nog steeds de naam van de rancho niet goed, maar hoe groot is de kans dat er onder een gele kerk een cenote begint? Gevonden! De eigenaar van de rancho (of de tuinman, je weet nooit zeker aan wie je je pesos geeft) laat ons nog twee andere cenotes zien, waarvan eentje Tam Ha heet en de andere Ich Kin. Beide zijn vanwege de jungle onbereikbaar voor onze Atos-Jeep, dus we beginnen maar onder de kerk, een gezegend begin!

Sander bij de gele kerk, de plaats waar de cenote zich onder bevindt.
De ingang is klein en voor twee duikers erg klein. De lijn loopt gelukkig zichtbaar, nu nog wel, vanaf het oppervlak erg schuin naar beneden. Nadat het materiaal klaar ligt stappen we voorzichtig in het water om geen stof te maken, maar dat blijkt onmogelijk. De laatste jaren is hier nooit meer iemand wezen duiken, sterker nog, er is lijn gelegd en verder is er nooit meer iemand geweest. De totaal ongerepte bodem verdwijnt als een lawine recht naar beneden en we zitten alleen nog maar op onze knieën, krapjes tegen elkaar aan.
Ik ga als eerste, de GoPro staat aan en ik verdwijn in het stof, maar ik kan de lijn nog net zien. Beneden wacht ik op Maarten, die moest zijn vinnen nog aantrekken en met mij naast hem was daar geen ruimte voor. We seinen “ok” en gaan door. Rechtsaf, linksaf, naar beneden, maar zelfs op tien meter diepte is de lawine nog rustig aan zijn weg bezig. Opnieuw wordt het erg klein, maar ik pas en door mijn platte profiel precies door. Achter mij is het zicht nu zeker nul, maar ik zwem door tot ik weer zicht krijg.

Maarten verkent de duikstek.
Voor me ontspringt ineens een prachtige grot met ruimte en erg goed zicht. Ik wacht op Maarten, maar die komt niet… Na enkele minuten keer ik om en haal hem op, hij wachtte voor de restrictie tot ik terug zou komen om de duik af te breken gezien de omstandigheden, maar ik sein “ok” en leg de restrictie uit. Maarten vindt het uitstekend. Opnieuw door ‘geen zicht’ maar vlak daarna worden we beloond met een prachtige grot. Alles is ongerept, vrij van sporen van andere duikers en prachtig mooi. De kleuren zijn groen en geel, maar redelijk donker. Helaas weinig licht om goed te filmen, maar deze grot onthoud ik wel!
Overal ontstaan gezichten in de bizarre vormen die moeder natuur meer dan 10.000 jaar terug heeft gemaakt, maar ik zie ook veel krokodillen, slangen en bomen en zelfs een onderzeeër, met periscoop! Op sommige plaatsen is de bodem van de grot bezaaid met poedersuiker, er ligt een dun wit laagje fijn stof, ook een teken dat er geen duikers komen. We maken een mooie route, markeren enkele T’s, maar de enkele jumps slaan we over, die zijn voor de volgende keer. De duik blijft vrijwel constant op 15 meter diepte en na ruim 40 minuten besluiten we om te keren. Redelijk conservatief qua planning, maar we hebben nog een bijzondere uitgang te vinden… zelfs bij terugkomst is het nog steeds een en al stof, maar we navigeren met de hand aan de lijn, maken de nodige stops en zonder enige moeite zwemmen we onder het huis van de heer naar buiten. Wat een duik!

De lijn verdwijnt in de kleine grot.
De tweede duik, zelfde route, zelfde verhaal, je raakt er aan gewend :) Rustig glijd ik opnieuw door de sneeuwstorm, het is eigenlijk een heerlijk ontspannen gevoel. Je voelt de bewegingen van de lijn en je hoort alleen je rustige ademhaling. Als je niet af en toe flink je hoofd zou stoten lijkt het wel mediteren! De eerste T gaan we nu links en de grot varieert meer in diepte, maar de kleuren blijven gelijk. Na een ravijn waar we 90 graden om onze lengte-as gedraaid door moeten zwemmen, draaien uiteindelijk de pijlen; blijkbaar is er een andere cenote dichterbij dan waar we erin zijn gestapt. Een stuk verder gaat de lijn omhoog en we zien licht, dat blijft een bijzonder gevoel.
We komen boven en de vleermuizen schrikken van ons licht. We besluiten hier niet te blijven en vervolgen de duik. Op de terugweg maken we nog een jump, markeren nog een T, maar na 85 minuten is het mooi geweest en voor de laatste keer kruipen we door de platte, stoffige gang weer naar het licht. Geweldig!