Wie Toscane zegt, zegt Florence en Pisa. Maar tot deze Italiaanse streek behoren ook nog enkele schitterende eilandjes! Het grootste van de Toscaanse Archipel is Elba. Vulkanische landschappen, heel veel groen, azuurblauw water en witte stranden nemen je mee naar een heel ander Toscane, waar het eilandgevoel bezit van je neemt.

 

Tekst: Judith Rietveld Foto’s: René Lipmann

 

Elba staat vooral bekend om de Franse keizer Napoleon Bonaparte, die van 4 mei 1814 tot 16 februari 1815 in ballingschap op het eiland verbleef. Dit was nadat hij voor de eerste keer uit de macht gezet was. De geallieerde mogendheden die hem verslagen hadden, benoemden hem tot soeverein vorst van het eiland Elba en hij mocht een leger van 600 man onder zich hebben. Ook in die tijd zag Napoleon al de vele mogelijkheden die het eiland te bieden had. Hij wist het zo te reorganiseren dat de economie sterk toenam. Hij liet zelfs meerdere luxe residenties bouwen maar ondanks zijn succes ter plaatse zag hij zijn verblijf als zware vernedering. Na tien maanden ontsnapte hij en trok met zijn getrouwen terug naar Frankrijk. En nog steeds zijn de sporen van Napoleon overal zichtbaar.

Door woorden als ‘verbanning’ en ‘gevangenschap’ had ik bij Elba een soort van Alcatraz in mijn hoofd. Maar wanneer we de kronkelweg naar Morcone volgen, gelegen aan de zuidoostkust van Elba, is er in de verste verte niets te bespeuren dat hier ook maar een beetje op lijkt. Het is ontzettend groen met een oogverblindende kustlijn en we passeren kleine idyllische dorpjes waar de terrasjes met lokale wijnen naar ons lonken. Maar dat is voor later, er is nog iets anders wat behoorlijk onze aandacht heeft getrokken toen we voet aan wal zetten. Het azuurblauwe water ziet er heel verleidelijk uit, en daarbij is het ook nog eens kraakhelder. Onze rit duurt niet lang en bij Aquanautic-Elba worden we hartelijk onthaald door de Duitse Björn, eigenaar van het duikcentrum. Hij heeft een schitterende plek voor zijn duikschool, het is rustig gelegen in een klein dorpje omgeven door groen. En het allerbelangrijkste: de baai van Morcone met huisrif voor de deur ligt op een steenworp afstand!

 

Een violette draadslak zit al helemaal klaar voor de foto.

De luipaardslak (Peltodoris atromaculata) is rond Elba een veel voorkomende soort.

Alle slakken verzamelen

We zijn nog maar amper onderweg met de boot, of onze Vlaamse gids Stijn Smekens geeft al het teken dat we ons gereed mogen maken. We zijn net uitgevaren vanaf het strand met als eindbestemming Gemini Rock. Ik heb een 5 mm aan en kijk even rond op de boot. De een heeft wel zijn cap op, de ander niet. Ik besluit om zonder te gaan en ik heb er zeker geen spijt van. Het water is 22 graden, heerlijk! Onder ons strekt zich een grote zadelrug uit en we volgen deze naar wat dieper water van zo’n 15 meter. Een opvallende verschijning trekt mijn aandacht: een joekel van een luipaardslak!

Nu weet ik wel dat dit een veel voorkomende zeenaaktslak is in de Middellandse Zee, maar hij blijft een jolige verschijning met zijn grote bruine vlekken. Even verderop liggen nog enkele van zijn broeders op een kluitje. Ik tel er vier, maar ze zijn lastig te onderscheiden. We zwemmen door een canyon en in alle hoekjes en spleten zit wel wat. Het is maar goed dat René zijn macrolens op zijn camera heeft gemonteerd, want de kleine onderwerpen dienen zich haast om de meter aan. Een violette draadslak Flabellina affinis zit al helemaal klaar voor de foto, haar felpaarse papillen zwieren weelderig heen en weer. Maar de slak is niet het enige kleurrijke dat we tegenkomen deze duik, in de inhammen ontdek ik veel kolonies knalgele zeeanemoontjes Parazoanthus axinellae, het zijn net allemaal kleine bloemetjes maar dan met puntige stekels aan het uiteinde.

Allerlei soorten sponzen van paars tot feloranje maken het een bont spektakel. Tussen het groen op de zeebodem groeien veel kalkkokerwormen en in een grotje stuit ik op een guitige heremietkreeft. Er is ook een kleine opening in deze grot die zorgt voor een azuurblauw raam. Stijn gebaart me dat hij nog iets heeft gespot, het zijn twee Cratena peregrina, een schitterende zeenaaktslak dat een wit lijfje heeft, met donkerrode papillen met felblauwe punten. We sluiten af met twee grijze murenen die ons venijnig aankijken vanuit hun holletje. Wanneer ik constateer dat we nog niet eens 50 meter hebben afgelegd, ben ik toch wel lichtelijk verbaasd.

 

Gele korstanemonen (Parazoanthus axinellae) sieren de rotswanden en grotten.

 

In de nacht werd het vrachtschip Elviscott overvallen door een hevige storm.

 

Vrachtschip Elviscott

Vroeg uit de veren! We gaan met de Land Rover van Aquanautic-Elba op pad om de drukte voor te zijn bij één van de bekendste duikstekken van het eiland, het wrak Elviscott. Dit vrachtschip was onderweg in januari 1972 van Napels naar Marseilles om een houtvoorraad af te leveren. In de nacht werd het schip overvallen door een hevige storm. Het raakte op een enorme rots voor de kust van Pomonte, waarop de bemanning het schip verliet. Zij wisten te ontkomen in een reddingsboot. Een tijdlang bleef het vrachtschip met haar achtersteven rusten op een zeebank, de boeg tussen twee rotsen geklemd. Later zonk de achtersteven voorgoed, van de boeg werd het resterende gedeelte aan land gehaald. We zijn naar ons idee nog steeds relatief ‘laat’ maar de Italianen starten hun duikdag pas zo rond de 10 uur. Dus wanneer wij om 9 uur het kleine strandje oprijden, hebben we het rijk alleen. Het is een klein kiezelstrand vol met zonnebedjes, een barretje en wc.

Aangezien we nog tijd genoeg hebben bestellen we een heerlijke Italiaanse koffie. Even later stappen we het water in, de platte rots zo’n 100 meter voor ons scherp in de gaten houdend. Daarachter ligt de Elviscott en linksom zwemmen is het makkelijkst. We besluiten om de afstand boven water af te leggen, zo verspillen we geen kostbaar gas en hebben we straks alle tijd op het wrak. Wanneer we langs de platte rots peddelen, spiek ik stiekem even onder water. Daar zijn delen van het schip! René kijkt ook enthousiast en we dalen gelijk. Het zicht is perfect, een klein beetje milky, maar we kunnen de Elviscott perfect zien liggen. Van het eens 65 meter lange schip is de achtersteven en de brug nog intact, grote stukken van het linkergedeelte van de boeg rusten op de zandbodem. Het hele wrak is bedekt met zeegras, inclusief sponzen en borstelwormen. Ik ontdek een gangetje van zo’n 3 meter lang en besluit erdoorheen te zwemmen. Ik krijg een raar gevoel in mijn maag omdat de Elviscott op haar zij ligt en de gang dus niet lijkt te kloppen. We vervolgen onze weg langs het wrak en in een ruim zie ik een motor en restanten van machines. De achterkant is nog wel het mooiste gedeelte van heel de duik: zwem net iets voorbij het wrak en draai je dan om. Je kunt de Elviscott dan helemaal zien liggen.

Ondanks dat de boeg ontbreekt, kun je je een goede voorstelling maken hoe het er ooit uitgezien moet hebben. We zwemmen langs de onderkant terug. De maximale diepte is 13 meter dus we hebben alle tijd. Her en der zitten gaten waar ik met mijn lamp naar binnen schijn. In een van de verscholen holtes is een heel klein rifje ontstaan met wat sponzen en koraal, een lipvis schiet weg als ik naar binnen spiek. Wanneer we weer terug zwemmen kunnen we ruim een uur bodemtijd noteren. Het strand is inmiddels al redelijk volgestroomd met badgasten, het is immers ook al 10 uur geweest..! Mensen kijken ons verbaasd aan vanuit hun luie strandstoel en kinderen wijzen naar ons alsof ze zeemonsters uit het water zien komen. En de Italiaanse duikers slapen denk ik nog even uit, want die zijn in geen velden of wegen te bekennen…

 

Het oude Romeinse kerkje ligt verscholen in het groen.

 

Parelwitte stranden

Nu we er toch zijn, heeft Marco, de ‘privékok’ van Aquanautic-Elba, ons uitgenodigd voor een sightseeing trip langs de westkust. Het eiland heeft schitterende kustwegen met haar pristine baaitjes met stranden en kliffen die doen denken aan Ierland. We rijden langs een maagdelijke baai waar enkel een klein bootje ligt. Snorkelaars zwemmen in het azuurblauwe water voor het parelwitte strandje. Het lijken wel de Cariben! Ik ben nu toch wel erg jaloers op die zwemmende mensen: de temperatuur begint aardig te stijgen. We vervolgen onze weg langs de kust en stoppen bij een gezellig Italiaans tentje met uitzicht op zee. We bestellen een cappuccino en een focaccia – wat volgens mij gewoon een schuilnaam voor pizza is – met salami.

Met een volle buik cirkelen we langzaam omhoog over een bergweg. Het wordt steeds iets koeler en de vegetatie groener. Enorme bomen buigen zich over ons pad en vormen een natuurlijke tunnel. Een moeflon steekt snel de weg over wanneer hij ons ziet aankomen. Er leven hier blijkbaak heel veel van deze dieren, net zoals wilde zwijnen. We stoppen bij een oude Romeinse kerk die dateert uit 1150. Je moet het maar net weten te vinden, want het ligt half verscholen langs de weg in het dichtbegroeide bos. Het dak is eraf, maar het altaar staat nog altijd fier op zijn plek. De natuur heeft de trap naar het altaar overwoekerd en ook waar vroeger de bankjes gestaan moeten hebben, groeien distels naar hartelust. De enige kerkbezoekers zijn kleurrijke hagedissen, die de hete stenen gebruiken om lekker te sudderen.

We rijden verder en komen langs een uitkijktoren, ook uit een grijs verleden. Stiekem is er toch wel veel historie verstopt. Het is verbazingwekkend hoeveel bochten er in de weg zitten, ik denk dat we nu al op de 200 zitten en door dat heen en weer gewieg begin ik langzaam in slaap te vallen. «Watermelone?» vraagt Marco, en ik schrik gelijk wakker. Prima, ik kan wel een stukje gebruiken. Maar het is geen stukje, het is een halve kano! Opgediend op een dienblad met kerstversieringen welteverstaan. Dat betekent dus: voor ons alle drie een eigen dienblad. Marco neemt flinke happen en verslindt de eerste helft van zijn meloen in luttele seconden. Ik daarentegen probeer 1 voor 1 de pitjes eruit te vissen – ik ben er nog steeds niet echt uit hoe je die dingen nu eet. Maar eerlijk is eerlijk, de meloen is heerlijk.

Terwijl ik nog niet eens een kwart op heb, veegt Marco zijn mond af en klopt voldaan op zijn buik. «Vind je het niet lekker?» vraagt hij bezorgd. Ook de watermeloenverkoper kijkt me enigszins teleurgesteld aan. Snel neem ik nog een hap en prijs de heerlijke vrucht, maar ik eindig toch echt met een doggybag. Marco heeft een exemplaar van 12 kg onder zijn arm, voor thuis. «Die hebben mijn zoon en ik in een dag op!» lacht hij. Daar twijfel ik absoluut niet aan.

 

De Cessna zat bijna zonder brandstof en was genoodzaakt een noodlanding op het water te maken.

 

Noodlanding

De Elviscott is niet het enige interessante wrak van Elba, er is er nog eentje. Een heuse Cessna. Ik ben best wel een beetje zenuwachtig voor onze duik, ik heb nog niet zo vaak op vliegtuigwrakken gedoken. Meestal liggen ze óf te diep óf er is nauwelijks iets van over. En deze schijnt er heel mooi uit te zien! Stijn vertelt ons hoe het op de zeebodem is beland. Het vliegtuigje was in 1982 onderweg met een Italiaanse familie vanuit Napels. Toen ze Elba naderden, hoorden ze dat ze om moesten vliegen in verband met een militaire oefening. Dat werd een groot probleem: ze hadden niet genoeg brandstof en moesten een noodlanding maken. De passagiers wisten zichzelf te redden, maar de Cessna tuimelde naar een luttele 100 meter diepte.

Een bijzonder feit is ook dat de Amerikanen die bewuste dag een toestel van Alitalia raakten tijdens hun oefening. Jaren later raakte de Cessna verstrikt in een net van een trawler die het dumpte op zijn huidige plek in het zeegras, op slechts 12 meter diepte. Er ligt geen boei op de duikplek, maar het vliegtuig is vrij eenvoudig te vinden. We zijn nog niet onder en ik denk eigenlijk al dat ik hem zie. Ja! Het is hem! Hij ligt keurig op zijn buik, de rechtervleugel rustend op het zeegrasbed, de linker – die al wel de nodige schade heeft opgelopen – steekt diagonaal in het blauw. Erg leuk dat vissen hier hun weg naartoe hebben gevonden.

De onderkanten van de vleugels zijn schitterend. Rode en paarse sponzen domineren. Binnenin het ruim hangen enkele zeebaarzen die me verbaasd aankijken. Helaas is er niet veel meer over van de cockpit. Er steken her en der wat kabels uit de vloer maar er is geen stoel meer te vinden, laat staan dat er echt iets herkenbaars te zien is. Maar de nieuwe passagiers zijn erg in hun sas met dit rif, dat hen van de nodige voeding voorziet. Normaal maak je een korte duik op de Cessna om vervolgens met de boot door te gaan naar een mooie rifwand. Maar er is zoveel te zien dat we besluiten om wat langer te blijven. Zoals gezegd, zo vaak duik ik niet op vliegtuigwrakken!

 

Uiteraard willen we de top bereiken, want Monte Cappane is immers de summit van Elba!

Moeten we echt in zo‘n bakje..? De wasknijpermandjes brengen ons naar het hoogste punt van Elba

 

Op naar de top in een wasknijpermandje

De grootste berg van Elba is Monte Capanne en telt 1019 meter. Het schijnt dat je daar een schitterend uitzicht hebt en op aanwijzingen van Marco rijden we naar het plaatsje Marciana. Daar start de kabelbaan die ons omhoog zal brengen – je kunt uiteraard ook lopen, maar we kiezen nu eens voor de makkelijke weg. Het is even zoeken maar eindelijk vinden we het startpunt van de kabelbaan. Via een slingerende weg omhoog komen we uit bij een soort vergrote wasknijpermandjes die door moeten gaan voor bakjes. Je mag er met twee personen in en het past net. Ik durf me nauwelijks te bewegen en met handen die steeds meer beginnen te zweten, omklem ik het metalen frame totdat het haast pijn doet. We stijgen steeds hoger en hoger, en gelukkig voel ik me al wat meer ontspannen. Wat wil je ook, met het uitzicht dat elke meter adembenemender wordt. We zien in de verte een havenplaatsje liggen en de bomen maken plaats voor grote brokken steen.

Het is duidelijk dat we de boomgrens gepasseerd zijn. De temperatuur is van een heerlijke 28 graden ook flink gedaald en de wind blaast hard. We zweven over een bergkam en het eind is nog steeds niet in zicht. Puntje van voorbereiding: volgende keer toch echt warme kleding mee! Al bibberend komen we boven, de wind giert om mijn oren. Maar het uitzicht is magnifiek. We zien het zeereservaat (zie topspots), maar ook Portoferraio. De zee is azuurblauw, het perfecte plaatje voor een ansichtkaart. We moeten nog wel een stukje lopen. Uiteraard willen we de top bereiken want Monte Cappane is immers de summit van Elba! Maar daar waait het helemaal als een bezetene. We lopen terug naar het beginpunt en we schieten het barretje in. Ondanks dat de warme poederchocomel niet te drinken is, krijg ik een heerlijk warm gevoel vanbinnen. Wanneer we weer in ons wasknijpermandje staan, geniet ik met volle teugen van het uitzicht. Wat heeft Elba ons verrast!

 

De baai van Morcone met het huisrif voor de deur.

 

TOPSPOTS

Huisrif Aquanautic-Elba

Vanaf het strand loop je zo het water in, wij zwemmen linksaf richting de rotsen. Er is heel veel zwierend zeegras en we ontdekken mooie Jacobsschelpen die tegen de stenen aangeplakt zitten. Vele regenbooglipvissen Symphodus melanocercus zorgen voor kleur en grote scholen zeebrasems kruisen meerdere malen ons pad.

Diepte: 6-10 meter Niveau: eenvoudig Bereikbaarheid: kantduik Locatie: Morcone

 

Punta Morcone

Een langgerekt stuk rotsen die samen een kleine muur vormen. Het diepste punt is rond de 38 meter. Er zijn veel spleten waar murenen en octopussen zich verbergen. Wanneer je wat dieper gaat, kom je misschien wel een grouper tegen. Grote scholen zwaluwstaartvissen zwermen langs de muur met barracuda’s in hun kielzog.

Diepte: tot 38 meter Niveau: gemiddeld, er kan stroming staan Bereikbaarheid: met de boot is het 5 minuten varen vanaf Morcone

 

Het grote anker bij het zeereservaat Lo Scoglietto.

 

Zeereservaat Lo Scoglietto

Dit is het enige beschermde zeegebied van het eiland en ligt in het noorden. Doordat hier niet gevist mag worden, tref je heel veel tandbaarzen aan. Erg nieuwsgierig zijn ze niet, maar als je rustig blijft hangen, doen ze gewoon hun eigen ding en heb je kans dat ze naar je toe zwemmen. Het keerpunt is bij een groot anker, waar je dezelfde weg weer terug zwemt. In totaal hebben we wel 20 groupers gezien, variërend van 1 meter tot 40 centimeter. Er zwemmen ook enkele exemplaren van 1,5 meter rond maar die hebben we niet gezien.

Diepte: 40 meter Niveau: eenvoudig Locatie: Portoferraio Bereikbaarheid: per boot, 10 minuten varen vanaf San Giovanni

 

Capo Fonza

Een wereld vol breuken, brokken en canyons. Het lijkt net alsof de aarde hier in stukken is gebarsten. Op de wanden groeien knalgele zeeanemoontjes en zeerozen. Een kingsize heremietkreeft is niet bang, hij blijft rustig in zijn territorium scharrelen. Zo groot heb ik ze nog nooit gezien!

Diepte: tot 40 meter Niveau: gemiddeld, er kan stroming staan Bereikbaarheid: met de boot is het 10 minuten varen vanaf Morcone

 

 

WETENSWAARDIGHEDEN

Huur een scooter

Bij Aquanautic-Elba  kun je een scooter huren, wij zeggen: doen! Scheur rond door de bergen en geniet van de schitterende uitzichten of geheime baaitjes. Vlij neer op een van de vele terrasjes van Capoliveri, dat je binnen 10 minuten bereikt vanaf Morcone. Het stadje heeft een autovrije straat met veel restaurantjes en gelaterias. Ook verhuurt Aquanautic-Elba E-bikes.

 

Sporen van Napoleon

In de havenstad Portoferraio hees Napoleon zijn vlag toen hij aankwam op het eiland, dit is tevens de hoofdstad van Elba. Er is een hele toeristische route uitgestippeld langs bezienswaardigheden die verbonden zijn met Napoleon. Wandel langs zijn luxe villa, bewonder het uitzicht vanaf het fort en dwaal door de nauwe straatjes.

 

Schuif aan bij Marco

Marco kan ontzettend lekker koken, dus probeer zeker een keertje een van zijn heerlijke gerechten uit. Je dient je een dag van tevoren op te geven. De maaltijden kosten rond de € 9 en dan heb je een groot bord vol. Glaasje lokale wijn erbij? In het barretje van de keuken is gegarandeerd een koel drankje naar jouw gading te vinden. Schuif gezellig aan in de tuin of eet in alle rust in je appartement.

 

Verse broodjes

In Morcone zijn geen winkels aanwezig, simpele boodschappen als melk of brood kun je bij de campingwinkel 500 meter verderop halen. Wij bestelden iedere ochtend bij Al Pozzo verse broodjes met een hete latte macchiato die je kon afhalen. Voor € 5 per dag waren we met twee personen klaar.

 

Familieduiken

Samen met je zoon of dochter op pad? Ook voor hen zijn alle duikmaterialen aanwezig. De boot vaart iedere keer weer terug na de duik, zodat je ook genoeg tijd kunt doorbrengen met de niet-duikende familieleden. Kinderen mee op vakantie? Bij de Kids Club van Aquanautic-Elba organiseren ze elke dag leuke activiteiten. Kun jij zorgeloos duiken en je kids lekker spelen.

 

Het duikcentrum Aquanautic-Elba 

 

Reisinfo

Reis

Vanaf Amsterdam vlogen we met Transavia naar Pisa in 1,5 uur. De vliegtuig-maatschappij hanteert strenge regels en maakt geen uitzonderingen. 10 kg handbagage is dus ook echt maximaal 10 kg handbagage, en dat mag maar één stuk zijn. Vanaf Pisa is het 1,5 uur rijden naar de Italiaanse havenstad Piombino. Dit is het vertrekpunt van vele veerdiensten. De overtocht naar Portoferraio op Elba duurt 60 minuten. Het is ook mogelijk naar Rio Marina of Cavo te varen. Na een autotocht van 45 minuten stonden we bij het duikcentrum op de stoep.

 

Duikcentrum Aquanautic-Elba

Het duikcentrum wordt gerund door de zeer gastvrije Björn. Je krijgt een eigen krat waar je al je duikspullen in kwijt kunt. Er is een heerlijk relaxed loungegedeelte waar je kunt napraten na de duik. Elke dag vaart de boot tot vijf keer uit, na iedere duik kom je weer terug in verband met de eventueel niet-duikende familieleden. Nitrox is gratis en je bent verzekerd van goed huurmateriaal: de Mares duikuitrustingen worden elk jaar vervangen. Het is tevens een Mares Test Center, ook droogpakken mag je gratis uitproberen. In de zomer is er een Nederlandse duikinstructeur aanwezig. www.aquanautic-elba.de

 

Watertemperatuur

Wij waren in het hoogseizoen (juli) op Elba, de watertemperatuur ligt dan tussen de 21 en 26 graden (ondiep).

Een 5 mm is aan te raden, allicht een dunne cap ook. De gemiddelde temperatuur boven water is in de zomerperiode 25-30 graden. In de winter is het een stukje frisser, in januari is het rond de 10 graden, het water is dan afgekoeld tot 14 graden.

 

Björn (links) en Marco, zij zorgen beiden voor een grandioos verblijf.

 

Even helemaal niets… Ontspannen in de tuin van Al Pozzo.

 

Verblijf

Pal naast het duikcentrum ligt appartementencomplex Al Pozzo dat ook tot het duikcentrum behoort. De appartementen zijn eenvoudig maar netjes, met een keuken en balkon. Er is een mooie subtropische tuin waar je gebruik van kunt maken en elke ochtend zijn er verse broodjes en koffie af te halen bij het keukentje. ‘s Avonds is de kleine bar geopend waar je terecht kunt voor een (alcoholische) versnapering. Het ruime zandstrand met zonnebedjes vind je op 100 meter afstand.