Lisette Keus de oprichtster van Lionfish Caribbean, verandert met haar concept een intensieve plaag in een heerlijke delicatesse en educatie. Onze redacteur Brigitte gaat met haar op jacht naar de beruchte koraalduivel.

Oorspronkelijk komt Lisette uit Den Haag, waarna ze opgroeide op Curaçao. Met haar liefde voor de oceaan is ze al jarenlang een gedreven jaagster op de koraalduivel (lionfish) – een sierlijke, maar verwoestende indringer in het Caribische rif. De lionfish (koraalduivel) is een invasieve soort op Curaçao, omdat hij van nature niet in het Caribisch gebied voorkomt en daar geen natuurlijke vijanden heeft.

Lionfish

De lionfish komt van nature niet voor op Curaçao. 

Workshop lionfish jagen en zelf eten

We ontmoeten elkaar bij de Diveshop in Piscadera, waar ze mij meeneemt in haar wereld van duurzaam jagen, koken en sieraden creëren. Lisette gaat een workshop geven die bestaat uit twee delen. Het eerste deel wordt gegeven op vrijdag en draait om jagen, bereiden en proeven van je eigen gevangen vis. Het tweede deel, op zaterdag, gaat over het maken van sieraden van de gedroogde vinnen. De vinnen dienen namelijk enige tijd in de zon te drogen voordat je er oorbellen, kettingen of armbanden van kunt maken.

Het ontstaan van Lisette Lionfish

Lisette vertelt dat ze al sinds haar jeugd deel uitmaakt van een duikcommunity die jaagt op lionfish. Uit die groep ontstond ook de Zookeeper – een uitvinding die inmiddels wereldwijd gebruikt wordt. “Vroeger bewaarden we de vissen in een juten zak,” vertelt Lisette. “Maar de giftige stekels prikten er zo doorheen. Dat was niet veilig. Zo ontstond het idee voor een stevige, afgesloten buis waarin de vissen veilig onder water bewaard kunnen worden tijdens de duik.”

Een ‘Zookeper’ waar de lionfish veilig in opgeborgen wordt.

De plaag van de Lionfish

De lionfish komt oorspronkelijk uit Azië en is meegenomen naar het Caribisch gebied.  Doordat ze zich snel kunnen voortplanten én geen natuurlijke vijanden hebben, is het een plaag voor het koraal en de andere visjes. Zij eten veel kleine visjes die welke het koraal juist nodig heeft om gezond te kunnen blijven. Hierdoor sterven de visjes uit en daarnaast hebben ook de grotere vissen het moeilijk omdat lokale vissers hierop jagen. Hierdoor raakt het ecologische systeem verstoord. De vis wordt tijdens het duiken met een speer gevangen. Omdat de vis zich vaak verschuilt in het koraal en/of grotjes dieper de zee in, is een speer benodigd om de vis te kunnen vangen. Speervissen is verboden op Curaçao maar wordt gedoogd voor lionfish.

Anderen lezen ook:  Getest: Bare onderpak

Zelf met een speer aan de slag

Lisette zet zich niet alleen in onder water, maar ook aan land. Ze geeft voorlichting aan lokale vissers en restaurants over hoe de lionfish veilig te vangen en te bereiden is. “Vroeger wist bijna niemand dat je de lionfish kunt eten,” zegt ze. “Nu serveren steeds meer restaurants hem op de kaart – het helpt het rif én de lokale economie.” Ze heeft inmiddels haar eigen afnemers. Je kunt zelfs helpen door zelf de vis te schieten en te brengen naar Lisette tegen een vergoeding. Aangezien ik nog weinig ervaring heb met het jagen op lionfish, krijg ik eerst een uitgebreide briefing op het strand. Lisette leert mij hoe ik de speer op de juiste manier vasthoudt, mijn balans houd en gericht schiet zonder het rif te beschadigen. We oefenen met 3 blaadjes in het zand, onze ‘neplionfish’. Ik houd mijn speer vast en probeer te richten op de lionfish. De eerste keren schiet ik mis maar daarna krijg ik de smaak te pakken.

lionfish

Tijd voor het echte werk!

Op jacht

Dan is het tijd voor het echte werk! We trekken onze duikuitrusting aan en gaan het water in. Helaas komt er water in de camerabehuizing van mijn buddy Mario waardoor hij zijn duik moet afbreken. Gelukkig heeft Lisette de GoPro bij en zetten wij onze duik voort. We zakken al gauw af naar 20 meter binnen enkele minuten. Lisette is gedreven en heeft de pas er flink in. Dit heeft ze vooraf verteld, dus ik ben voorbereid! We hebben afgesproken dat Lisette de eerste lionfish schiet en daarna ben ik aan zet. Het duurt niet lang of ze heeft de eerste lionfish gezien en meteen te pakken!

Anderen lezen ook:  Aqua lung oppervlakteboei, een must have

Oog voor de vis

We zwemmen een stuk verder en het duurt niet lang voordat Lisette twee lionfish ziet. Normaliter zijn ze goed verstopt in het koraal, maar deze zijn goed zichtbaar. Het is mijn beurt. Ik richt mijn speer en probeer mijn positie te plaatsen. Ik hang boven de lionfish, mijn speer niet ver verwijderd van de vis. Ik schiet de speer en hij is raak! Met in mijn achterhoofd dat de Lionfish een plaag is, voel ik mij niet schuldig over deze daad. De vis verdwijnt bij Lisette in de Zookeeper. Nu is het tijd voor de tweede. Ik richt mijn speer maar schiet helaas mis. De vis verdwijnt snel in het koraal en ik kan hem niet meer vinden. We speuren het rif af maar hij komt niet meer tevoorschijn.

koraalduivel lionfish

Een net gevangen koraalduivel (archieffoto).

You can run, but you can not hide…

We zwemmen enkele meters verder en het duurt niet lang voordat Lisette een andere lionfish ziet. Deze is wat dieper verstopt in het koraal. Ik probeer weer mijn positie te plaatsen en richt mijn speer. Ik zie de vis vliegensvlug wegschieten. Mis! Lisette ziet ‘m verscholen in het koraal en binnen no time heeft ze hem te pakken. Ze heeft echt oog voor de lionfish en is de meest fanatieke jager die ik heb ontmoet! Gedurende de duik vangt ze er nog twee. Na duik gaan we terug naar de duikschool. Nadat we ons om hebben omgekleed, halen we de vangst uit de Zookeeper en leggen deze in de koelbox. Op naar de winkel om ze te bereiden en te eten!

lionfish

Lionfish Leo begroet ons voor de winkel in Kura Holanda.

Alles van de vis wordt gebruikt

Voor Lionfish Caribbean in Kura Hulanda worden we begroet door Leo, een metersgrote en kleurrijke Lionfish op de muur. Super cool! Binnen wegen we onze vangst, 4 vissen, goed voor 8 kilo. De vis die ik heb gevangen, legt Lisette op een snijplank. Ze laat zien hoe je de vis veilig schoonmaakt, eerst de giftige vinnen en de staart eraf knippen, die later worden gebruikt voor de sieraden. “We gebruiken echt alles van de vis,” legt ze uit. “20% is filet, dat gebruiken we voor gerechten als ceviche, sashimi, kibbeling en dumplings. De borst kan worden gegeten als een soort kippenvleugel. De rest gaat naar kattenvoer. Niets gaat verloren.”

Anderen lezen ook:  Bali en de actieve vulkaan Agung

Proeverij met lionwings en dumplings

Mario en ik kiezen voor de proeverij. We krijgen van alles wat: ceviche, sashimi, kibbeling, dumplings en zelfs lionwings: de borstfilet, krokant gebakken en je eet het als kippenvleugeltjes. Het smaakt verrukkelijk. Verser kan niet: ik eet mijn eigen gevangen vis! Zelfs de tafel waarop wij eten, draagt trots het lionfish logo. Ook zien wij hoe de vinnen worden gedroogd in de zon. Volgende week is het tijd voor de workshop sieraden maken!

Onze liondish!

Sieraden maken

Bij terugkomst in de winkel voor de workshop liggen de gedroogde vinnen van mijn eigen vangst al op mij te wachten. De vinnen hebben verschillende kleuren, zwart met roze maar ook zwart met beige. Ik kan kiezen uit verschillende oorbellen, hangers en armbandjes. Ik besluit voor de oorbellen te gaan. De vinnen knip ik in stukjes om deze passend te maken in de oorbellen. Even later heb ik prachtige oorbellen. Een prachtige herinnering aan mijn duikervaring met Lisette.

Zoveel mooie kleuren! het is lastig kiezen…

Toekomstplannen

Lisette bruist van de energie. Ze vertelt enthousiast over haar plannen om het LionFish-concept uit te breiden naar Bonaire en uiteindelijk naar andere Caribische eilanden. Daarnaast krijgt het personeel, momenteel 5 FTE de kans om zelf een stukje eigenaar te worden van de winkel. Een prachtig initiatief waarbij het concept in handen van de betrokken werknemers blijft!

Zo gaaf! Ik heb mijn eigen oorbellen van koraalduivelvinnen gemaakt!

Echt doen

Zowel het jagen, eten als sieraden maken waren echt supertof om te doen. Wat mij betreft een echte aanrader als je op duikvakantie bent op Curaçao!

Tekst: Brigitte Ooms Foto’s: Mario Dobbelaar