Bij duiken verbrand je bijna net zo veel calorieën als tijdens het joggen: gebeurt dat tijdens het omkleden of wanneer je het water in- of uitgaat? Maar waarom zijn dan niet alle duikers slank? Hoe en waarom de kilo’s er onder water vanaf vliegen, leggen onze artsen aan je uit.

 

Tekst: Claus-Martin Muth en Tim Piepho Foto: Wolfgang Poelzer Illustratie: S. Timmann

 

Is duiken een sport? Kritische stemmen weerleggen dat meteen en zeggen dat duiken een ontspannen vorm van vrijetijdsbesteding is. Om daar vrijwel meteen aan toe te voegen dat een duiker onder water nauwelijks iets doet en het enige beetje inspanning het omkleden en het in en uit het water gaan is. En dat duurt maar heel even. Mag je dan überhaupt spreken van een duursport waarbij vet wordt verbrand? Als je een duikje op het rif maakt, zal je zelden hevig transpirerend het water uitkomen. Dan verbruik je dus ook niet al te veel calorieën – toch? Maar hoewel veel mensen duiken zien als een lichte vorm van vrijetijdsbesteding, is het verbazingwekkend dat een simpel duikje op het huisrif een regelrechte vetkiller is. Sceptici zullen hoogst verbaasd zijn bij het horen van het antwoord: een persoon met een lichaamsgewicht rond 80 kilogram verbrandt per uur duiken rond de 600 kilocalorieën! Om je een idee te geven, als je een uurtje gaat basketballen verbruik je evenveel calorieën. En dan is basketballen toch wel iets dynamischer dan duiken. Het calorieverbruik tijdens het duiken wordt alleen maar groter als er stroming staat of je een flink eind moet zwemmen. Ook andere omstandigheden, zoals de watertemperatuur en de duikdiepte, zijn van invloed. De redenen dat je tijdens duiken relatief veel calorieën verbruikt – los van de hiervoor genoemde omstandigheden – zijn divers.

 

Wie droomt er niet van? Duiken, visjes kijken en tegelijkertijd kilo’s kwijtraken.

 

Honger na de duik? Is dat een vrijbrief om er maar op los te eten?

 

Afvallen door kou

De belangrijkste factor met betrekking tot calorieverbruik tijdens het duiken is kou. Daar kun je je ongetwijfeld iets bij voorstellen als het om duiken in eigen land gaat, waar het water koud is. Maar als je op duikvakantie in tropische oorden bent, zou je anders verwachten. De oorzaak zit ‘m in de hoge mate van warmtegeleiding van het water, maar ook in de snelheid waarmee het water warmte opneemt. Het lichaam verliest daardoor zelfs bij een watertemperatuur van 28 graden nog zoveel warmte dat het lichaam afkoelt. Belangrijk om te weten is dat de warmte-uitwisseling tussen lichaam en omgeving vooral door straling, conductie, convectie en verdamping komt, plus in geringe mate door urine-afgifte. Straling en verdamping spelen onder water nauwelijks een rol. Echter, door de verhoogde urineproductie met de bijbehorende drang tot plassen (duikdiurese) gaat er via de urine al een grote hoeveelheid warmte verloren. Maar het grootste verlies aan warmte is te wijten aan conductie en convectie. In het geval van conductie stroomt de warmte vanuit het lichaam weg in het water. Bepalend hierbij zijn het temperatuurverschil tussen water en huid, het warmtegeleidingsvermogen en het huidoppervlak. Als het lichaam geheel in water is ondergedompeld, verloopt de conductie via een stationaire grenslaag rond het lichaam: de warmte gaat van het lichaam over naar het water. Ook door convectie kan er veel warmte verloren gaan. De laag water die als gevolg van de convectie is opgewarmd, heeft een hogere dichtheid en stijgt op. Kouder water komt ervoor in de plaats. Door stroming of zwembewegingen wordt er meer warmte afgegeven, want de opgewarmde grenslaag bij de huid wordt steeds kleiner. Onder water gebeurt dit een stuk sneller dan boven water omdat in water de warmte 200 maal sneller wordt overgedragen dan in lucht. Tel daar ook nog eens een 24 maal hogere geleidend vermogen en een grote soortgelijke warmte bij op en er is al bij een lage stromingssnelheid en een relatief klein temperatuurverschil sprake van een 24 maal hogere warmtegeleiding. Het warmteverlies is natuurlijk in zekere zin ook afhankelijk van de watertemperatuur en de tijd die je in het water doorbrengt. Dan snap je ook waarom je in ons eigen water en op grote diepte meer calorieën verbruikt – de watertemperatuur is immers lager.

 

Stofwisseling

Maar wat heeft warmteverlies te maken met calorieverbruik? In feite is de eenheid ‘calorie’ een meeteenheid voor de hoeveelheid warmte. Calorieën zijn geen kleine beestjes die ’s nachts je kleding kleiner maken. Een calorie is de energie – of hoeveelheid warmte – die nodig is om de temperatuur van 1 gram water met 1 graden Celsius te verhogen. En dat is precies wat het lichaam moet doen om het warmteverlies te compenseren. Om dat te realiseren versnelt het lichaam de stofwisseling en de omzetting van zuurstof, waardoor het zuurstofverbruik en ook het energieverbruik toeneemt. Het lichaam verbrandt meer en hierdoor neemt het metabolische, op de stofwisseling gebaseerde calorieverbruik toe.

 

Ademhalen

Nog meer warmte verlies je via de ademhaling – en ook in dat geval echt niet alleen als je ijsduiken maakt, maar ook in tropische wateren. In principe gaat er via het ademen warmte verloren wanneer de omgeving kouder is dan het lichaam; tijdens de uitademing wordt ademgas dat bij inademing is verwarmd, door het lichaam afgegeven. Het warmteverlies wordt groter als de duikdiepte toeneemt. Met andere woorden, hoe dieper je duikt, des te meer warmte je via ademhaling verliest. Het gevolg van beide mechanismen is dat er via de stofwisseling meer lichaamswarmte geproduceerd moet worden. Deze vorm van inspanning is dan wel niet zichtbaar, zoals inspanning door zwemmen, maar wel aanzienlijk en je verbrandt aardig wat calorieën. Bovendien kost ademhalen onder water altijd meer moeite dan aan land, ook al gebruik je de meest moderne en geavanceerde ademautomaten. En dat wordt alleen maar meer naarmate je dieper duikt. Dit heeft te maken met de natuurkundige effecten en de hogere dichtheid van ademgas. Ademhalen onder water kost dus meer energie. De ademhalingsinspanning is nog hoger omdat je ook te maken hebt met de elastische weerstand van het duikpak. Als je aan de oppervlakte snorkelt, wordt de ademhaling beïnvloed door de drukverschillen in de longen en de waterdruk op de borstkas. Dit alles bij elkaar zorgt dat je energie en dus calorieën verbruikt. In zeer veel gevallen en vooral tijdens de standaard vakantieduikjes vanaf een boot, valt het met de inspanning wel mee. Maar ook tijdens dit soort duiken kun je ineens te maken krijgen met stroming en deining onder water of kan het gebeuren dat je een flink eind aan de oppervlakte moet zwemmen. Dat kost inspanning en je moet dan ook lichamelijk fit zijn. Een goede voorbereiding is dat je regelmatig in het zwembad met vinnen zwemt.

 

 

Als je door duiken je buikje wilt kwijtraken, heb je discipline nodig.

 

Spieractiviteit

Dan komen we nu bij de sportieve kant van het duiken. Wanneer je met duikuitrusting aan naar het water loopt en weer terug naar de auto, kan dat best zwaar zijn. Ook bij het omkleden en het water in- en uitgaan verbruik je de nodige calorieën omdat er door de spieractiviteit energie verbruikt wordt. Dat geldt natuurlijk ook wanneer je in het water ligt en heus niet alleen wanneer je tegen een lichte stroming in moet zwemmen. Uiteraard is zwemmen (zowel boven als onder water) met een complete duikuitrusting veel inspannender dan met alleen zwemkleding aan. Je ondervindt des te meer weerstand van het water. En omdat deze weerstand overwonnen moet worden, is daar ook meer energie voor nodig. En nog meer energie wanneer je sneller gaat zwemmen. Ook elke beweging die je maakt in je duikpak kost energie omdat je de elastische weerstand van het pak moet overwinnen. Afhankelijk van de persoonlijke trainingstoestand van de duiker worden meer calorieën verbruikt.

 

Vet verbranden

Als het allemaal gaat zoals hierboven wordt beschreven, is duiken dan niet de ideale manier om kilo’s kwijt te raken zonder dat je je al te veel moet inspannen? Het antwoord is simpel: helaas niet! Veel duikers zullen het daar niet mee eens zijn omdat ze tijdens een duikvakantie wel degelijk waren afgevallen. Daar is ook een verklaring voor. Als je meerdere duiken per dag maakt, verbruik je natuurlijk ook meer calorieën op een dag. Bovendien vinden de meeste duikers het niet prettig om met een volle maag te duiken. Zeker vet eten kan leiden tot boeren of maagzuur, iets wat onder water echt problemen kan opleveren. Als je met je hoofd omlaag in het water ligt, is de kans groot dat je eten weer terugkomt. Het hydrostatische effect en de banden van het jacket versterken dit effect omdat de druk op de buik toeneemt. Je kunt dit voorkomen door kleinere porties te eten en een vette hap te laten staan. Omdat je relatief minder calorieën dan normaal eet, je tegelijkertijd meer calorieën verbruikt en je veel duikt, kun je inderdaad afvallen tijdens een duikvakantie. Als je niet al te vaak duikt verwacht dan niet dat je afvalt. Natuurlijk, je spieren zijn druk in beweging en tijdens het zwemmen ervaar je weerstand van het water. Echter is uit onderzoeken in de jaren tachtig gebleken dat een persoon na een zwemtraining vaak meer eet dan hij tijdens het sporten aan calorieën heeft verbruikt. Mensen die regelmatig en intensief zwemmen, zullen bevestigen dat je na het zwemmen honger hebt, terwijl je na het hardlopen in het algemeen geen trek hebt. De meest waarschijnlijke verklaring is dat de metabolische componenten (met betrekking tot de stofwisseling) bij verlies van lichaamswarmte ervoor zorgen dat het lichaam tegenmaatregelen neemt. Zie het maar als ‘voorraadje’ dat het lichaam voor isolatie in de winter aanlegt. Tot op heden is naar dit fenomeen nog geen wetenschappelijk onderzoek gedaan.

Gericht afvallen

Wanneer je een uur lang een ademgas hebt ingeademd, krijg je niet alleen een droge mond: veel duikers hebben ook behoefte aan zoetigheid na de duik. Als je door middel van duiken of zwemmen gericht wilt afvallen, heb je heel veel discipline nodig, vooral wat eten betreft. Vaak worden de verbrande calorieën tijdens de duik door de eetbui na de duik weer volledig teniet gedaan. En als je je dan te goed doet aan te veel koolhydraten en vetten, dan is het sportieve effect nihil.

 

Balanceren op één vinger: door de hoge dichtheid en de weerstand van het water neemt het energieverbruik toe.