Het is heerlijk om weer op Bonaire te zijn. John (mijn man én vaste buddy) en ik gaan vandaag duiken bij Weber’s Joy, aan de noordkant van het eiland.
Rond een uur of twaalf laden we de pickup vol met onze duikspullen en na een ritje van 15 minuten parkeren we bij Witches Hut. We zijn de enige duikers – yeah! – en vrolijk zetten we onze set op.
Op het moment dat John zijn wetsuit wil aantrekken, komt hij erachter dat die nog bij het duikcentrum ligt. Balen! Ondanks de zeetemperatuur van 29 graden krijg ik hem niet zover om in korte broek en rash-shirt het water in te gaan. Oke, geen gezeur: spullen weer in de auto en hup, terug. Hij vult meteen ons water aan en we gaan voor poging twee. Een paar Bastogne-koekjes doen dienst als lunch.

Queen’s Highway; de weg waaraan Weber’s Joy ligt (Shutterstock).
We hebben nog niet eerder bij Weber’s Joy gedoken, dus we letten goed op ons kompas en op markante punten onder water. Dat is niet moeilijk hier, wat een prachtige plek! Zacht koraal, Slapende soapfish, een lief schildpadje en grote barracuda’s die ons even aankijken. Na een relaxte duik keren we netjes terug naar de instapplaats. Safetystop, check.
Aan de oppervlakte blijkt de wind flink te zijn aangetrokken. John krijgt zijn vinnen niet goed uit en rolt door de golven zo het strand op. Maar dat mag de pret niet drukken, we hebben zin in een lunch bij de beachbar.

Totdat ik het portier van de achterbank open en… onze tas mis. Weg. Foetsie.
Ik kijk nog in de laadbak, onder de stoelen, zelfs onder de auto. “Onze tas is gestolen!” zeg ik. John gelooft het eerst niet. “Nee joh… dat kan toch niet?” gevolgd door de praktische vraag: “Wat zat er eigenlijk in?”
Tja, alleen spullen van mij. Een kam met haarolie (je wilt na een duik toch een beetje toonbaar zijn), de dop van mijn regulator, mijn zwarte ‘na-de-duik-jurkje’ en… mijn multifocale bril. In maart gekocht, in een groene koker.
De auto kon niet op slot, volgens het verhuurbedrijf is dat slimmer omdat er vaak spullen uit auto’s worden gestolen. En als de auto op slot zit, tikken ze een ruitje in waardoor er nog veel meer schade is. We hadden uit voorzorg geen geld of telefoons meegenomen. Maar dat dieven zelfs een halflege stoffen tas meenemen…Een dure les.
Geen brilletje
We kijken in het verlaten huis of we daar de tas zien liggen. Deze actie is niet voor herhaling vatbaar: wat een bende! Dan rijden we heel langzaam richting 1000 Steps in de hoop dat de tas ergens gedumpt is. En jawel hoor: honderd meter verder zie ik (zonder bril!) mijn witte tas in de struiken liggen. Alles zit erin, behalve… de bril. We zoeken nog een half uur (zo blij dat we de waterfles aangevuld hebben) maar een groene koker vinden tussen groene struiken is, eh… kansloos.

Giovanna en Els van Buena Vista Optics
Dan maar naar een opticien. De eerste (met in de naam iets van parel) geeft niet thuis. ‘U hebt geen afspraak.’ Je meent het, denk ik grimmig.
De tweede zaak in Kralendijk meldt: “We gaan bijna sluiten, u kunt maandagmiddag om twee uur terecht.” De moed zakt me in mijn schoenen. Maar dan komt de reddende engel van Buena Vista Optics achter de balie vandaan. “Komt u maar mee, ik doe wel even een oogmeting. Op eenvoudige manier, hoor.” Engel Els fluistert erbij: “Het is al een tijdje geleden dat ik dit gedaan heb.” Geen probleem, ik had het desnoods zelf geprobeerd!
En zie daar: een half uur later loop ik met een rond rood brilletje de winkel uit. Nee, niet perfect, lezen lukt niet maar ik kan weer in de verte zien. Wat een opluchting.
Bij de politie doe ik nog netjes aangifte en met een nieuwe bril en een aangifteformulier schuiven we eindelijk aan voor de lunch. Om half acht ’s avonds.

Tekst: Harriët Plantinga & foto’s: Harriët Plantinga en Shutterstock


