Een hele tijd terug kwam ik ergens op internet foto’s tegen van een duik in een rivier. Dat zag er werkelijk prachtig uit, dus ik zocht snel uit waar het was. Ticino, Zwitserland. Niet echt naast de deur, maar de duikstek gaat toch op de bucketlist. Dit jaar heb ik eindelijk tijd. Even voorbereiden: wegens de zware instappen slechts een enkele fles mee, en door de mogelijk sterke stroming pull-and-glide handschoenen mee en een natpak. Check, we gaan rivierduiken!

Tekst en foto’s: Brenda de Vries

Ponte dei Salti

Na een dag grotduiken in Frankrijk rijden we door naar Verzasca. Bij aankomst gaan we direct duiken bij de Ponte dei Salti. We bekijken eerst de rivier, brug en waar we te water kunnen. Er staat iets stroming, het ziet er uitnodigend uit. We kleden ons snel om en lopen naar de instap. Het is vrij ver lopen, maar het gaat goed met een trimvest en enkele fles. Bij de instap maak ik mijn touw vast aan een ijzeren oog, deze is hier speciaal voor bedoeld. In het ‘rivierhandboek van Verzasca’ had ik gelezen dat deze ringen er zijn en dus kocht ik gelijk een touw. Aan het uiteinde maak ik een loodblokje vast, zodat hij niet gaat drijven in het water. Het gebruik van een touw is aan te raden: je zwemt namelijk eerst tegen de stroom in en dan laat je je terugdrijven. Het touw vormt een herkenningspunt dat je daar er weer uit moet, je hebt iets om je aan vast te houden en naar de kant te komen. Het touw zit goed vast en ik gooi het in het water. Dan gaan we zelf onder. De watertemperatuur is dertien graden en het water is glashelder. De stroming valt heel erg mee. Het landschap is surrealistisch: overal zijn uitgesleten rotsen, eigenlijk is het één uitgesleten steenmassa.

Fotogenieke brug

Een beetje zoals je met grotduiken ook wel ziet, maar toch is het weer anders. Het zijn diverse kleuren grijs, groen en ook wat rood. Het doet me denken aan de grote kloof Aareschlucht in Meiringen. Veel leven is er niet. We duiken zo’n drie kwartier en omdat er weinig stroming staat, komen we uit bij het begin van een waterval. Hier zwemmen forellen tegen de stroming in. Ze lijken er geen moeite mee te hebben en zijn zo veel sterker dan wij. Waar wij niet verder kunnen, zwemmen zij nog tegen de stroming in. De waterval veroorzaakt allemaal bubbels, net of er een wervelwind onder water is. Het is prachtig, de kracht van het water en die rotsen… We laten ons met de stroming mee terugdrijven. Dan zie ik mijn touw, daar is de instap! Dit was een fantastische duik, eentje die me nog lang zal bijblijven. Gezien het feit dat er toch best wat geklommen moet worden, zijn we blij dat we geluisterd hebben naar de tip om echt niet met een dubbel 12 te gaan sjouwen.

Tegen de stroom in

Lastige instappen

We kijken vervolgens bij duikstek Posse2, Pozzo delle Posse. Hier moet je met een trap afdalen, over stenen, met een stalen ladder naar beneden en over grote rotsen te water. Het is te doen, maar het is niet eenvoudig. Je wilt inderdaad zo weinig mogelijk gewicht meenemen. We besluiten maar naar ons hotel te gaan in Gordevio. Onderweg bekijken we nog twee duikstekken bij Ponte Brolla: ook deze stekken zijn zo moeilijk bereikbaar dat de lol er snel af is. We bewaren ze voor een volgende keer. Zeker nu iemand ons er later op wijst dat de instap vanaf een andere kant gemakkelijker is. Waar we wél eenvoudig te water kunnen, is op grote hoogte in Passo del Naret. Het meer ligt in het zonnetje, wat een geluk! Het water staat helaas wel laag, dertig meter loodrecht naar beneden klimmen gaat zeker niet lukken. Hierdoor  kunnen we alleen duiken in het kleine meertje ernaast.

Lago del Naret

Het hoogste meer ligt op 2300-2350 meter hoogte. Mijn duikcomputers vertellen mij precies hoe de duik gaat: 772mbar en een PO2 van 16% aan de oppervlakte. Door de hoogte is het water koud. Heel veel is er helaas niet te zien, voornamelijk stenen en rotsen op een erg fijne zandgrond. Eén verkeerde vinslag en het zicht is weg. Hoewel we wel vislijnen ontdekken (oppassen dus), zien we geen vissen. Achteraf hadden we beter een meer iets lager gelegen kunnen nemen om in te duiken. Daar zien we vissen springen! Dit meer ligt boven de stuw en de verhalen gaan dat forel daar dan niet kan komen. Maar het zonnetje, afgewisseld door wolken in het blauwe water, maken dat het tropisch aandoet – toch zegt de temperatuur overduidelijk van niet. Na een half uur op maximaal negen meter diepte houden we het voor gezien. Na de duik wandelen naar het mooie Lago del Corlo waar zelfs nog wat sneeuwresten liggen. Dit gebied leent zich ook uitstekend voor een wandelvakantie. Helaas hebben we maar twee dagen, dus besluiten we weer terug te keren naar Verzasca.

Als we eerlijk zijn, is het rivierduiken leuker dan in het hooggelegen bergmeer.

Als we eerlijk zijn, is het rivierduiken leuker dan in het hooggelegen bergmeer. Onze laatste duik maken we bij Posse1, Pozzo della Misura. De instap is prima te doen: er zijn geen ladders, maar een klein strandje waar je gewoon het water in loopt. De canyon is werkelijk prachtig. Aan beide kanten zie je de uitgesleten rotswanden in diverse grijs-, en groentinten. Als duiker zwem je er tussenin. De stroming is minimaal, we hebben dus echt het juiste moment uitgekozen om te gaan duiken. Dan zit onze tijd er weer op: we komen tot de conclusie dat twee dagen echt te weinig zijn in dit mooie gebied!

Bekijk ook: The Big Life in Zuid-Afrika