In hetzelfde jaar dat de Titanic in aanvaring kwam met een ijsberg, loopt voor de kust van Bonaire een driemaster op de klippen. De Mairi Bhan was een van de snelste zeilboten ter wereld en geldt als een van de mooiste wrakduiken in de Cariben. We gaan duiken op Bonaires Ghost wreck.
Een schim, meer is de Mairi Bahn nog niet op 20 meter diep. Als we verder afdalen in het diepe diffuse blauw worden de vage contouren van de romp scherper. Ik ben te nuchter om me gek te laten maken door alle verhalen over Bonaires Ghost wreck, maar het begint nu wel te kriebelen in mijn onderbuik. Hoe vaak krijg je de kans om op een 19e eeuws zeilschip te duiken? Niet een paar vage wrakstukken. We hebben het over een wrak dat op het eerste gezicht volledig intact lijkt!
Voor wie verwend is met de ultieme duikvrijheid van Bonaire Divers Paradise is het even slikken. Waar je normaal over het eiland de beroemde gele stenen aantreft die duikspots markeren, ontbreekt deze op de locatie van de Windjammer. Sterker nog, er gaat zelfs enig papierwerk aan vooraf om toegang te krijgen tot de instapplaats op het terrein van Bonaire Petroleum Corporation (Bopec).

Het terrein van Bonaire Petroleum Corporation (Bopec).
Na het inleveren van een kopie van mijn paspoort en duikbrevet bij techduikinstructeur Arango German van Buddy Dive is de vergunning binnen twee dagen geregeld. «Over de Mairi Bahn doen veel verhalen en geruchten de ronde», zegt Arango als ik hem tref voor de planning van de duik. Welke versie waar is? «De ware toedracht van wat zich heeft voorgedaan in december 1912 zal waarschijnlijk nooit meer boven water komen. Wat weinig mensen weten is dat de Windjammer niet direct is gezonken. Ze is op het rif gestrand waarna de bemanning veilig van boord is gegaan. Inclusief alles van waarde. Bonairianen borgen zeilen, touwwerk, koper en het hout van de brug. Hierbij vielen twee doden toen de hoofdmast als een luciferhoutje brak. Van de vastgelopen klipper, die ooit gold als ‘mooiste schip van de Pacific’, bleef weinig meer over dan een metalen karkas. Pas in de loop van 1913, na een orkaan, is de driemaster gekapseisd en over het steile rif de diepte in gegleden. Volgens vissers uit Rincon zal het schip op een dag terugkeren en wraak nemen op de mensen die het schip van zijn glorie hebben ontdaan. Vandaar de naam ‘Spookschip’.»

Samen met Arango German nemen we de duik op Bonaires Ghost wreck zorgvuldig door.
De versie die ik eerder hoorde is een stuk dramatischer. De Mairi Bahn zou onderweg verrast zijn door een onverwachte storm waarna kapitein Luigi Razetto koos voor de beschermende kust van Bonaire. Een omvallende kerosinelamp zette de lading vaten met asfalt in lichterlaaie waarbij zich een explosie voordeed. Vier bemanningsleden verdronken toen ze de oever probeerden te bereiken. Of was er sabotage in het spel? De rol van de Windjammer – windjammer is een verzamelnaam voor zeegaande stalen zeilvaartuigen uit de latere periode van de koopvaardij – als de Mairi Bahn was eigenlijk zo goed als uitgespeeld door de opkomst van de stoomvaart.
De Windjammer, gebouwd in 1874, deed over haar eerste reis van Glasgow naar Nieuw-Zeeland 75 dagen. Voor die tijd een geweldig record waarmee de driemaster het snelste vaartuig van zijn tijd was. Heel diep ben ik de archieven niet ingegaan, maar na enig speurwerk kom ik twee krantenknipsels uit december 1912 tegen: Gestrand. Gisteren morgen is hier de bemanning, bestaande uit 16 personen aangekomen van de Italiaansche brik Mairi Bahu, die geladen met asfalt van Trinidad, bestemd was voor Marseille, maar Vrijdag 6 Dec. op de Zuidkust van Bonaire, Hato genaamd, gezonken. De asfalt was niet in vaten verscheept maar los in ‘t ruim geworpen, de lading ging aan ‘t werken, zoodat het schip op zij lag en ieder ogenblik dreigde om te slaan. Schip en lading zijn reeds voor een prikje verkocht.

Techduikinstructeur Arango German analyseert zijn stage met EAN50 decompressiegas.
Een week later, op vrijdag 13 december 1912, staat er een klein bericht in de Curacaosche Courant: De bemanning van de Italiaansche Brik Mairi-Bahu is alhier heden ochtend met den Hollandschen schoener Camia uit Bonaire aangekomen. Die brik, uit Trinidad met asfaltlading vertrokken, is ten Westen van de kusten van Bonaire gezonken. De opvarenden zijn allen gered. Afgezien van de spelfout in de naam van het schip in beide kranten valt op dat er in de berichten geen sprake is van storm, brand of slachtoffers. Zelfs de lading teer lijkt intact.
De Mairi Bahn (Gaelic voor Bonny Mary) was een schip van de wilde vaart. Het zwierf van de een naar de andere haven. Afhankelijk van het ladingsaanbod wisselde zij van haven. In 1912 verkeerde het schip bepaalt niet meer in nieuwstaat. Achtervolgd door muiterij, stormen en cholera aan boord is het schip na 40 jaar niet meer volledig betrouwbaar. Heeft de bemanning uit lijfsbehoud het schip bewust op het rif laten stranden?

Na controle van de vergunning en identiteitspapieren krijgen we toegang tot het Bopec terrein.
Wat een vormen! Het wrak ligt op zijn bakboordzijde in een hoek van 45 graden, aan de voet van het rif. De boeg en de naar het noorden wijzende boegspriet op 55 meter imponeren nog altijd. Ik maak een paar back kicks om het volledig op de foto te krijgen.

Lijnen en vormen uit lang vervlogen tijden, de boegspriet wijst naar het noorden.
Het mariene leven heeft zich in een eeuw tijd meester gemaakt van de driemaster. De romp van het wrak is begroeid met sponzen en koralen en oogt als een natuurlijk rif. We hebben een strak fotoschema en duikplanning, maar bij de eerste aanblik van het zeilschip ben ik verloren. Hier ligt maritieme geschiedenis voor het oprapen. Om een totaaloverzicht van het wrak te krijgen daal ik midscheeps, langs de derde mast, verder af. Ondanks de onbeschutte positie bij de noordwestkaap van Bonaire staat er totaal geen stroming.


Bij het kraaiennest, op ruim 60 meter, heb ik uitzicht tot aan de boeg en het achterschip.
Over een surrealistisch landschap bereik ik een heus kraaiennest dat op een diepte van 61 meter ligt. Het uit de ruimen weggelopen teer is als gestold lava versmolten met de zeebodem. Nu ervaar ik de sensatie en mysterieuze aantrekkingskracht waar andere duikers over spreken als ze op de Windjammer duiken. Een duik die vandaag de dag op een trimix 18/45 mengsel gemaakt wordt. Als decompressiegas gebruiken we EAN50. Ik laat mijn blik van links naar rechts gaan. Wat een geweldig uitzicht! Ik kan het ruim 70 meter lange wrak van het achterschip tot aan de uitstekende boegspriet bekijken. Op gewone perslucht had ik me nu, onder invloed van de stikstofnarcose, waarschijnlijk compleet euforisch gevoeld.

Orkaan Lenny veroorzaakte een grote scheur in het midden van de ijzeren romp.
Ik ga het ook niet mooier maken dan het is. Sinds de ontdekking van het zeilschip in 1968 heeft het wrak een en ander te verduren gehad. Orkaan Lenny veroorzaakte een grote scheur in het midden van de ijzeren romp, hierdoor is de driemaster een stuk platter geworden. Vanuit de diepte ogen de contouren van het koopvaardijschip, dat ooit stoffen, marmer olijven en teer vervoerde, nog altijd massief. Echter, vanuit veiligheidsoogpunt, penetreren Arango en ik het wrak niet. We stijgen op richting het achterschip dat, zoals bij alle windjammers uit die periode, ver boven de romp uitsteekt. Automatisch zoek ik naar de schroef. Trap ik er, ondanks de uitvoerige briefing van Arango, toch nog in. De bark uit 1874 heeft natuurlijk geen schroef.

Het achterschip en kiel van de Mairi Bahn ligt aan de voet van het rif.

Laat een reactie achter